Foto Bert Verhoeff

Stuur e-mail mail_outline RECENSIES KUS ME NOG EENS WAKKER 

RECENSIES KUS ME NOG EENS WAKKER Vijf sterren in NRC Next van 6 oktober 2011 , recensie van Sterre Sprengers

'Kus me nog eens wakker' is niet alleen een boek maar ook een presentatie waarin we het onderwerp laten zien door audio, filmpjes, foto's en gedichten. Klik op de link
http://www.kus-me-nog-eens-wakker.nl/promo

Voor nog veel meer prachtrecensies kijk op

www.kusmenogeenswakker.nl
www.uitgeverijdebrouwerij.nl

Recensie www.Photoq.nl

Het spoor nog lang niet bijster
3 november 2011 » Door Lise Lotte Ten Voorde

Fotograaf Bert Verhoeff en schrijver Gerrit Molenaar maakten samen een boek waarin negen meer of minder dementerende mensen centraal staan. De precieze aanleiding voor het maken van dit boek wordt in het midden gelaten, maar dat de drijfveer een persoonlijke is, blijkt uit de nadrukkelijk uitgesproken wens om met andere ogen te leren kijken naar mensen die soms in een andere realiteit lijken te leven. Iedereen die met een dementerende ouder of grootouder te maken heeft (gehad), weet hoe makkelijk het is hen te negeren door steeds minder vaak op bezoek te gaan, en hoe moeilijk om met geduld en aandacht de zorgen weg te aaien of mee te deinen op een dagdroom.

Hoe zien demente dagen er uit? Een aai over je bol van het bezoek, een spelletje mens-erger-je-niet, vlekken op een blouse, onwennige danspassen op het terras, een wekpot vol koffie met daarop ‘1 afgestreken lepel voor 2 kopjes’. Ook wordt er veel naar André Rieu gekeken. Dement kun je zijn in een tehuis, maar ook je eigen kasteel met enige ondersteuning. Verhoeff en Molenaar schetsen een divers beeld van het leven met dementie. De teksten –gebaseerd op gesprekken met de negen hoofdpersonen en even grillig als zijzelf- dragen daar in hoge mate aan bij. Ze getuigen van uitermate heldere gevoelens en gedachten die vaak niet zijn af te leiden uit gezichten alleen. Niet zelden komt de wens tot doodgaan daar in voor, maar zij wordt gepareerd door bijzonder levendige fantasieën over kleurige koninkrijken waar nooit iemand zoek is of het vreugdevol bekloppen van elk voorwerp dat men tegenkomt. Één dame in het boek komt tijdens het maakproces te overlijden. Haar Chinese kleinkind bouwt onverstoorbaar een blokkentoren in de kamer waar zij staat opgebaard. Er komt ook een toren voor in één van haar gedichten:

Oma slaapt in het grote bed
Moe van het spelen
Wil vandaag niet meer opstaan
Totdat ik onder haar neus kriebel
Zachtjes aan haar haren trek
En spring op de muziek

Maar eerst lach ik tot tien
Beneden schreeuwt naar boven
Als de toren ongezien
Onze voeten wil beroven

‘Kus me nog eens wakker’ is zorgvuldig vormgegeven door Teun van der Heijden. Op halve velletjes staan gedichten opgetekend. Kinderlijke gedichtjes die dagelijkse dingen beschrijven, maar ook ontroerende gedichten over verloren zaken, verloren mensen, voorbije dagen, de roep om een geliefde die de enige houvast lijkt te zijn aan het hier en nu. Het hier en nu is belangrijk omdat het verleden vaak in sluieren gehuld is. Vellen die het midden houden tussen hele en halve pagina’s, tonen brieven en tekeningen; hele pagina’s tonen portretten en interieurs, bijvoorbeeld een atelier vol onafgemaakt kunstwerken.

Het boek besluit met een lange tekst van Gerrit Molenaar. Hij dompelde zich onder in het leven van deze negen mensen, teneinde dichter bij zichzelf te komen. Hij vertrouwde het papier delen van zijn gesprekken toe, waaruit nog maar eens blijkt dat zijn gesprekspartners lang niet allemaal het spoor bijster zijn; enige aandacht lijkt vaak de muur van onbegrip en angst te doorbreken. Misschien zijn zij wel meer mens dan ooit, zonder de filters die hen werden opgelegd door sociale conventies. Met ‘Kus me nog eens wakker’ hebben Verhoeff en Molenaar een ontroerend en tot nadenken stemmend, verre van standaard boek afgeleverd. En dat was precies de bedoeling.

Bert Verhoeff; Gerrit Molenaar
Kus me nog eens wakker
Uitgeverij de Brouwerij, 2011
www.kus-me-nog-eens-wakker.nl





'Kus me nog eens wakker' recensie door Thierry Deleu
Een mooier boek dan 'Kus me nog eens wakker' van auteur Gerrit Molenaar en fotograaf Bert Verhoeff kreeg ik het laatste decennium niet meer in mijn bus. Een juweeltje om te koesteren, zowel naar verpakking als naar inhoud.

Uitgeverij de Brouwerij Maassluis verdient de Prijs voor het Mooiste Boek. Sterke grafische vormgeving, grote toegankelijkheid, grote communicatie over en weer tussen alle spelers: de makers, de schrijver, de fotograaf, de dementerende hoofdpersonages, de uitgever en de lezers. Innovatief voor wat design betreft, aanleunend tegen de sterke traditie van ‘het boek’.

Zoektocht

Als uiterlijk vertoon geen rol meer speelt en je niet meer beheerst wordt door je gedachten, als het begrip tijd niet meer bestaat, wat gebeurt er dan met je? Wat blijft er precies van je over als je lichaam afbrokkelt en je brein helemaal in de war is? Dat is de probleemstelling in het boek. De auteurs hebben ervaren dat er meer werkelijkheden zijn dan alleen maar die van ons. Door dit boek bieden zij de lezer ruimte om tot contact te komen met demente mensen. Zij nodigen ons uit om samen met hen een intiem kijkje te nemen in het leven van negen mensen die te kampen hebben met dementie.

Rozen kunnen bloeien uit vuilnishopen. Maar er is ook veel pijn, er is verdriet, onbegrip, wanhoop, angst voor het onbekende. Het is tegelijkertijd verschrikkelijk en mooi. Voor de makers van dit boek (de auteurs en de uitgever) is het project een zoektocht naar de kern van het bestaan, naar de sleutel tot geluk. Wat doet dementie met ons?

Het thema ‘dementie’ komt vaak voor in kunst. Er zijn al zoveel boeken hierover geschreven dat ik dacht dat het boek van Uitgeverij de Brouwerij de andere niet meer zou kunnen overtreffen. Niets blijkt minder waar. De foto’s tonen de wereld zoals demente mensen die waarschijnlijk zullen zien. Details, herkenningpunten, terugkerende elementen en herinneringen aan vroeger. De gedichten verwoorden de verwarring, maar ook de verlangens. Uit foto’s en gedichten spreekt een ontroerende tederheid, zelfs een gezond tikje humor.

De auteurs tonen via gedichten, tekst en foto’s aan dat er zoveel rijkdom schuilt in mensen met dementie. De hoofdpersonen in het boek houden de lezer een spiegel voor. Zij leren hem/haar om op een meer gevoelsmatige manier naar de werkelijkheid te kijken. Demente mensen kunnen ons leren dat alles wat we om ons heen opbouwen instabiel is. De enige stabiele factor in ons leven is ons zelf.

'Kus me nog eens wakker' bevat in grote lijnen twee in elkaar lopende delen: gedichten en foto’s van resp. Gerrit Molenaar en Bert Verhoeff en een nawoord door de eerste. Zij verbleven dag en nacht in verpleeghuizen en trokken intensief op met dementerende mensen en hun families om te leren hoe zij in een andere werkelijkheid konden treden.

Fotograaf Bert Verhoeff (1949) begon als fotojournalist. Vanaf 1978 werkte hij als freelancer voor veel landelijke kranten en weekbladen, vooral voor ‘De Volkskrant’, waar hij vast medewerker was tot 2004. In 1994 kreeg hij van het Rijksmuseum de opdracht ‘100 jaar sociaal democratie in beeld’. De foto’s die hij hiervoor maakte tonen chaos en woede, ontroering en verdriet.

De laatste jaren werkt Verhoeff in hoofdzaak aan langer lopende projecten zoals fotoboeken. In 2009 verscheen Kuiven en Kraplappen. In dit boek worden vrouwen in klederdracht in beeld gebracht. De vrouwen hechten zichtbaar aan hun tradities. Verhoeff laat zien dat het ‘eigentijds leven’ niet in de weg zit. In 2004 kwam Het Wonder van Waterland uit over de regio ten noorden van Amsterdam.

Verhoeff’s foto’s stralen rust uit. Hij fotografeert de andere kant van de samenleving. Dit doet hij met foto’s van dieren in landschappen, bewoners in hun habitat en de natuur in al haar glorie. Op bijna iedere foto is er een spanning tussen actie en reactie. Hij fotografeert de werkelijkheid zichtbaar, maar even vaak verborgen. Hij won verscheidene prijzen, waaronder de ‘Zilveren Camera’ in 1984 en hij werd ‘Fotojournalist van het Jaar’ in 1988.

Fotograaf Bert Verhoeff en goede vriend Gerrit Molenaar (pseudoniem van econoom en journalist Gerrino Mulder) maakten een chaotisch boek over dementie. Daarin volgen zij negen mannen en vrouwen met dementie en proberen zij de ziekte van een iets vrolijker kant te bekijken.

Grauwsluier

Een wonderlijk boek en ik die dacht dat ik iets wist over dementie. Zoals je niet weet waar je vandaan komt, heb je ook geen idee waar je naar toe gaat. Als je een dementerende persoon ziet, denk dan niet dat je weet hoe het is om zo te zijn. Fotograaf en dichter trekken de grauwsluier van dementie open. Wat blijft er over als lichaam en geest langzaam aftakelen? Gerrit Molenaar en Bert Verhoeff probeerden het vast te leggen. Hun moeizame schrijfsels grepen hen naar de keel. Beiden zochten naar iets dat boven lichaam en geest uitstijgt, naar de kern van de mens, zijn essentie. Ontdaan van alle ballast komt vaak letterlijk de ware aard van een mens naar boven.

Molenaar schrijft pakkende gedichten, - heerlijke poëzie, - op basis van zijn relaties met de dementerende personen die hij, samen met zijn vriend, ongeveer twee jaar lang volgde. Zij verwerkten hun levensverhaal. De totstandkoming van het boek is een heel confronterende zoektocht geweest.

Het boek is vooral een ‘kijkboek’, met bijzonder mooie en indringende foto’s in kleur. Summiere teksten, opgetekende citaten en korte gedichten zijn de bijdrage van Gerrit Molenaar aan het werk. Aan het eind van het boek geeft Molenaar in veertien bladzijden de wordingsgeschiedenis ervan tegen zijn persoonlijke achtergrond.

Waarschijnlijk zullen de meeste mensen het boek eerst als een kijkboek ter hand nemen. Onderweg worden ze dan verrast door kleine tekstbladen als een soort bijlage, met een citaat of een gedicht. Wondermooie teksten en foto’s uit een onbekende realiteit, deels geschreven of gedicteerd door de demente hoofdpersonen in het boek zelf.

De foto’s van Verhoeff zijn soms spiegels van de ziel van de negen hoofdpersonages: een kattebelletje met een hartje, een staande wandklok op volle bladzijde, een vertederd tafereeltje, een innige omhelzing, een zachte aanraking, een handdruk, André Rieu op TV, (herinneringen aan) de dieren op de boerderij, een verwelkte tuin, een blik op de wereld door het raam, de ondergestopte wijnkelder...

Wat ik als lezer van het boek onthoud? Hoe ongelooflijk verschillend, gecompliceerd en genuanceerd mensen (en dus niet alleen dementerenden) in elkaar zitten. Dat is precies wat de auteurs van het boek hebben willen bereiken: tonen wat een rijkdom er schuilt in mensen met dementie. Als je het maar wilt zien en voelen. Daarvoor is tijd, ruimte en stilte nodig, elementen waar in de huidige samenleving nog maar weinig aandacht aan wordt besteed. Demente mensen kunnen niet anders. Ze hebben alle tijd van de wereld. Hun eerlijkheid is soms pijnlijk, soms ook grappig, met verrassend veel intens diepe gedachten.

Inlevingsvermogen

Ik wil een apart stukje wijden aan de mooie gedichten in het boek (soms weet ik niet helemaal zeker wie het gedicht heeft geschreven: Molenaar of een demente persoon). Ik ga ervan uit dat ik het onderscheid kon maken. Mooie gedichten die het midden houden tussen werkelijkheid, andere werkelijkheid, verrassende pointe.

Een andersoortig realisme en het surreële gaan hier hand in hand, in perfecte harmonie, met af en toe een (dementerende) knipoog naar de lezer of een dooreen halen van zien en aanvoelen, van kijken en iets anders zien.

Ik heb haren op mijn hoofd

mijn lievelingseten is kroketjes

ik ben gevallen op m’n kamer
omdat ik honger had
nu heb ik een poepje gelaten

of:

de maan schiet een gat in mijn hoofd

een laatste, puntloze zin
waarop geen antwoord mogelijk is
omdat de vraag nooit is gesteld

of:

en zelfs als je de krant
van rechts naar links leest
staat er helemaal niets in

Gedichten die getuigen van een verbluffend inlevingsvermogen, met veel overtuiging geschreven. Met zintuiglijke en ogenschijnlijk heldere poëzie trekt Molenaar de lezer de wereld van de demente mens in, om samen erin te verdwalen. Hoewel het leven zich blozend openbaart, is er toch iets heel erg mis. De woorden zitten vol met kleine dingetjes die een sterke opmerkzaamheid verraden.

Bijzonder opvallend is de wisselwerking tussen de demente mens en de dichter in nood, in een emotionele puinhoop, hoe beiden zoeken naar ergens een nooduitgang. Het nawoord van Molenaar is een pareltje van intimiteit. De betekenis die hij geeft aan zijn ervaringen, belicht de fasen in zijn leven en de context waarin hij een en ander beleeft. Dat beïnvloedt de wijze waarop hij naar de demente wereld en naar zichzelf kijkt.

Ieder mens ervaart de wereld om zich heen op zijn eigen manier. Maar pas als iemand zijn ervaringen met een ander (hier de demente mens) deelt, krijgen ze betekenis. Het lijkt soms of de ‘ongelukkige’ dichter en zijn dementerende medemens kracht, uitdaging en perspectief vinden en hoe zij betrokken worden in elkaars werkelijkheid.

Liza zei
dat ze
met de paus
is getrouwd

maar ik

ik ben
met Bert
getrouwd!

Referentie:

Kus me nog eens wakker | Bert Verhoeff, Gerrit Molenaar en Teun van der Heijden | Uitgeverij de Brouwerij | ISBN: 9789078905530 | Gebonden 256 pag.

Stuur e-mail mail_outline RECENSIES  ' BIJ ONS IN HET GOOI ' 

RECENSIES  ' BIJ ONS IN HET GOOI '


P/F Professionele Fotografie
'Met zijn Volkskrant-achtergrond is Verhoeff volbloed beeldverhaalverteller.
Sinds een aantal jaren woont hij in het Gooi. Een buurt waarover iedere Nederlander zijn vooroordelen klaar lijkt te hebben. Die varieren van magneet voor bekakt Nederland tot feestterrein voor mediasterren. In 'Bij ons in het Gooi' worden die cliches niet de nek omgedraaid. In een luchtige stijl zet Verhoeff de hockeymeisjes, rashondjes, hoedjes, dure koopgekte, paardenliefde, villa's, mediasterren en alles wat er bij hoort neer. Wel worden ze gerelativeerd, verfijnd en aangevuld. Zo is het prachtige natuurlandschap ook zeer typerend en daar zien we een aantal fraaie beelden van.
Maar er wordt ook aangevuld met andere Gooise gekte. We zien een speedboot als snoeiwerk in een heg, een kudde schapen midden in een dorp, een koffietafel op een kerkhof en als buffettafel een speedboot en een vrouw met een T-shirt met als opschrift 'Gooie trut'. Het is knap hoe Verhoeff zowel met zijn foto's als in zijn begeleidende tekst de spot weet te drijven zonder voor gek te zetten. Er is veel lol en plagerij, maar het respect en de relativering ervan blijft.In het Gooi lijken ze er zelfs trots op. Het werk uit dit boek wordt op drie verschillende locaties in het Gooi tentoongesteld, onder meer tot 28 augustus in het Singer Museum te Laren.'

Bert Verhoeff won de Zilveren Camera, werd Fotojournalist
van het Jaar, werkte voor veel kranten en tijdschriften en
maakte een aantal succesvolle fotoboeken.

Stuur e-mail mail_outline Photoq.nl, 18 juni 2010, Han Schoonhoven 

18 juni 2010 »
 
Door Han Schoonhoven

In 2005 verhuisde Bert Verhoeff naar Bussum. Zoals hij dat zijn hele professionele bestaan al doet, begon hij ook daar zijn directe omgeving te fotograferen: fris, als een buitenstaander aan de wandel in een nieuwe biotoop. Verhoeff heeft zijn visie gebundeld in een tentoonstelling en een publicatie: Bij ons in het Gooi.

Wanneer het te donker was om het Gooise leven vast te leggen dook hij in de boeken. De meningen over ‘de Gooier’ bleken sterk uiteen te lopen, maar de dichter Adriaan Roland Holst beschreef al zo’n negentig jaar terug het fenomeen dat we nu kennen als ‘De Gooise matras’: ‘ ’t Is hier een oorverdovend zedenloze bende.’ ‘…een prullenmand is het van mislukte huwelijkjes en van gelukkende avontuurtjes…’
 
Het Gooi lijkt een cliché, dat zichzelf met veel plezier bevestigt. De verklaarbare maar buitenproportionele aandacht in de media vergroten het leefpatroon van nieuwe en oude rijken uit tot een karikatuur. En de meeste van die lui schijnen dat prachtig te vinden, vergelijkbaar met de manier waarop corpsleden ‘de lullo’s’ van Jiskefet omarmden.
 
De fotograaf stelde een lijstje samen met Gooise gemeenplaatsen en had geen enkele moeite die kundig en ironisch in beelden om te zetten. Maar de eerste serie in zijn boek betreft de inderdaad indrukwekkend fraaie natuur, hoogstwaarschijnlijk ook de reden waarom hij naar deze streek verhuisde. Ook de daaropvolgende reeks, over Gooise heggen, is verrassend en daarbij ijzersterk gefotografeerd.
 
Vervolgens de te verwachten golfers, hockey-meisjes, de auto-mannen, de honden-mensen, de paarden-juffrouwen en ontelbare shoppende en feestende geblondeerde dames in verschillende leeftijdscategorieën. Het spreekt voor het vakmanschap van Verhoeff dat hij de grens van de meligheid daarbij niet overschrijdt. En ach, ze zijn het bekijken waard: de heren en dames zien er keurig verzorgd uit. Bij ons in het Gooi is een aardige fotoserie en een vermakelijk boek, al heeft het bij lange niet, zowel letterlijk als figuurlijk, de reikwijdte van Verhoeff’s fraaie boek uit 2007: Langs het Ijsselmeer.
 
Bij ons in het Gooi
fotografie en redactie: Bert Verhoeff
gebonden, 30 bij 22 cm, 128 pagina, ruim 100 foto’s in full color
uitgave in eigen beheer
prijs (inclusie verzendkosten): 24,50 euro
 
foto’s uit het boek en van de tentoonstellingsopening: www.bijonsinhetgooi.nl

Stuur e-mail mail_outline En een minder aardige recensie op DutchDoc. 21 mei 2010, Jona dekker 

FRI MAY 21 '10 | JONA DEKKERHET CLICHé-GOOI VAN BERT VERHOEFFbert verhoeff / fotoboeken /Rijd op een mooie lentemiddag een paar uur rond door de rijkste streek van Nederland, het Gooi, en je volgt zonder moeite de blik van Bert Verhoeff. De (ex-) Volkskrant-fotograaf was zo gefascineerd door zijn nieuwe woonstreek, dat hij het fotoboek ‘Bij ons in het Gooi’ maakte. De verrassing van rondkijken met het boek in de hand zit hem vooral in de bevestiging: het Gooi is écht zoals de clichés ons vertellen, en bovendien zoals Bert Verhoeff het vastlegde! 

Burberry 
Grote villa’s met gloednieuwe rieten daken doemen op in Blaricum en Laren. Ze liggen inderdaad verscholen achter gladgeschoren heggen. Overal zie je net als Verhoeff winkelende Gooische vrouwen in Burberry-rokken met bijpassende sjaaltjes en Gooische hondjes, terrassen vol bezonnebrilde mensen die witte wijn met ijs drinken (op een werkdag), om de paar minuten een rijdt er auto met open dak voorbij. Uiteraard draagt de man achter het stuur een blouse met sjaaltje op rode broek. Ongetwijfeld liggen de golfclubs achterin. Zelfs de schapen die in Bert Verhoeffs boek midden door Laren marcheren, zijn binnen no time gespot. 

Menselijke komedie
Die bevestiging van de clichés zijn wel grappig, maar ook de zwakte van Verhoeffs boek, dat in sommige foto’s iets achteloos heeft, iets gemakkelijks. De ‘menselijke komedie’ waar de fotograaf naar op zoek is, ligt in het Gooi bijna te veel voor het oprapen. Bert Verhoeff is dan wel een kundig fotograaf, sterk in compositie, een echte observator, maar in het tijdperk waarin iedereen met zijn mobieltje haarscherp een rijkeluiszoontje in een cabrio kan fotograferen, wil je van een fotograaf méér dan alleen de meest voor de hand liggende beelden. Bert Verhoeff geeft het notabene in zijn voorwoord toe, dat hij met een lijstje clichés op zoek is gegaan naar het Gooi: Gooische vrouwen, Gooise mannen, Gooise hondjes, Gooise BN’ers, et cetera. Afwijkende beelden krijg je godzijdank óók, mondjesmaat.

Stel bejaarden
Bert Verhoeff noemt zichzelf in zijn voorwoord een ‘straatfotograaf’, een ras dat volgens hem bijna is uitgestorven. Hij is niet zoals de jongere generatie op zoek naar een concept, om daar vervolgens beelden bij te maken. Nee, hij fietst graag wat rond en ziet wat er op zijn pad komt. Liefst ontdekt hij verrassende beelden met tegenstrijdige elementen, zoals op een enkele foto in zijn boek het naar voren komt. Een stel bejaarden zit gemoedelijk een kopje koffie te drinken op een begraafplaats, mét picknickmand en witte plastic stoelen. Of een grijzende man op een luchtbed in de Gooise natuur. Gooise moeders in joggingpak. Het zijn dit soort foto’s waar het talent van Bert Verhoeff het best tot zijn recht komt: hij heeft geduldig geobserveerd en een verrassend moment haarscherp gevat, zoals hij ook als persfotograaf deed. 

Reaguurders
De citaten over het Gooi die hij in het boek kopieert van voorbijgangers, uit het NRC Handelsblad en van het internet, laten zien welke beelden hij – jammer genoeg? – niet heeft vastgelegd: reaguurders op autoblog.nl, die speciaal naar het Gooi komen om mooie auto’s te spotten. Of dames die een tour maken langs huizen van BN’ers, met de hoopvolle verwachting dat Linda de Mol ze wel uit zal nodigen voor een kopje thee. Dat waren nog eens beelden geweest, denk je als je het leest.
Eigenlijk voldoet Verhoeffs boek aan Gooise normen: keurig, gelikt, koketterend met de plaatselijke rijkdom en op een enkel verrassend moment na, precies zoals je het verwacht.

Stuur e-mail mail_outline RECENSIE KUIVEN EN KRAPLAPPEN 

Photoq 4 maart 2009 »
 
Door Han Schoonhoven

Kuiven & Kraplappen heet het boek dat fotograaf Bert Verhoeff, audiograaf Hannes Wallrafen en schrijfster Reinier van Goor samenstelden over vrouwen van Spakenburg. De vrouwen in klederdracht.

Het boek opent met een groepsfoto van tachtig vrouwen in dracht op de dijk bij Spakenburg. De burgermeester staat ergens onopvallend in het midden. Er varen twee botters voorbij, maar in de verte staan moderne windmolens en één van de dames kan elk moment een mobieltje tevoorschijn halen. Kuiven & Kraplappen verhaalt en verbeeldt traditionele zowel als moderne elementen in een bijzonder Nederlands dorp in de éénentwintigste eeuw.

De klederdracht staat symbool voor de sociale samenhang in Spakenburg. De oudere Spakenburgers spreken een dialect waarin geen u-vorm voorkomt. Ze werken allemaal hard en zondags gaan ze samen naar de kerk. Veel van de geportretteerde vrouwen zijn lid van het koor Hosanna. Ze besteden veel aandacht aan hun kleurrijke kledij en gecompliceerde haardracht, maar maken ook gebruik van computers, mobiele telefoons en eigentijdse vervoersmiddelen. 

Het project Kuiven & Kraplappen, dat ook bestaat als een expositie van beelden en geluidsfragmenten, is fraai in balans. De foto’s van Verhoeff zijn nuchter, adequaat en niet zonder humor. Hannes Wallrafen maakte subtiele montages van sfeergeluiden met wat zo mooi ‘oral history’ heet. Reinie van Goor schreef een heerlijke tekst: leesbaar, informatief en af en toe hilarisch. Van Goor is een ingewijde en vertelt allerlei aardige details over hoe de Spakenburgse vrouwen in het leven staan. De inleiding is gewijd aan haar moeder die zich altijd in dracht kleedt. Ze beschrijft liefdevol haar ‘bonte karakter’ en maakt snel korte metten met enkele vooroordelen over vrouwen in klederdracht.

Als gezegd, de fotografie in dit boek is vooral informatief. Verhoeff, die eerder boeken publiceerde over Nederland en dan bij voorkeur over zijn directe omgeving (De boomgaard der gelukzaligen, Het wonder van Waterland en Langs het IJsselmeer) heeft voelbaar affiniteit met zijn onderwerp, maar stelt zich dienstbaar op. Fraai zijn de droge beelden van de vrouwen die hun bijzondere kapsel opmaken en (de laatste onderdelen van) hun dracht aantrekken. Curieus de vele inkijkjes, ‘s avonds door de goed gelapte ramen van de woonkamers. Verder aandoenlijke beelden van bowlende, gymende, pratende en werkende Spakenburger vrouwen. 

Op veel van de foto’s helpen de vrouwen elkaar een handje. Er loopt nog een respectabel aantal dames dagelijks in klederdracht, maar de jongste is inmiddels 59. Als tijdsbeeld een nuttig boek lijkt mij, want alles gaat voorbij. En als verslag van een gemeenschap met een bijzondere samenhang zeker prijzenswaardig.

Kuiven & Kraplappen
fotografie: Bert Verhoeff
geluid: Hannes Wallrafen
tekst: Reinie van Goor
gebonden, 20 bij 25 cm, 124 pagina’s, 81 full color foto’s
met cd waarop 11 geluidsmontages en interview van in het totaal 45 minuten
uitgever: Mets & Schilt
prijs: 25 euro

Voor beelden uit en informatie over het boek, zie: www.bertverhoeff.nl

De reizende tentoonstelling Kuiven & Kraplappen opende in de Melkweg en wordt nog vertoond in Spakenburg (vanaf 3 april), het Zuiderzeemuseum in Enkhuizen en kasteel Groeneveld in Baarn.

Stuur e-mail mail_outline RECENSIE LANGS HET IJSSELMEER 

17 juni 2008 »
 
Door PhotoQ

Als twee oude padvinders trokken de fotograferende Bert Verhoeff en de schrijvende Rolf Bos rond nederlands grootste meer. Hun foto’s en verhalen zijn gebundeld in Langs het IJsselmeer, een fraai modern boek met hedendaagse fotografie en teksten die naar mijn smaak iets te veel naar het verleden verwijzen.

Verhoeff en Bos zijn min of meer geïnspireerd door de publicatie van Jac P. ThijsseLangs de Zuiderzee, een uitbundig geïllustreerd boek dat de firma Verkade in 1914 uitbracht en waarvan bijna 35.000 exemplaren zijn verkocht. Ze staan stil bij het feit dat de Afsluitdijk dit jaar 75 jaar oud is en dat met het sluiten van de dijk op zaterdag 28 mei 1932 de Zuiderzee geschiedenis werd. 

Verhoeff heeft enige jaren aan het boek gewerkt en dat is te zien. De publicatie bevat vele prachtige panorama’s, er zijn opnamen vanuit de lucht, allerlei vormen van zomers sport en spel en - langzamerhand buitengewoon zeldzaam in Nederland - foto’s van een bevroren IJsselmeer en armdikke ijspegels uit de winter van 2003-2004. 

De ondertitel ‘van werkzee tot speelmeer’ kwam voort uit de fotografie van Verhoeff, waarin hij veel recreatie op en aan het water vastlegt. De zeilende vracht- en vissersschepen uit de tijd van Thijsse hebben plaats gemaakt voor jachtjes, motorboten en fraai gerestaureerde historische schepen. Er wordt uitbundig met ‘kites’ gesurfd en hip Amsterdam toont zich op haar naaktst op het Blijburg-strand. Langs de Zuiderdijkweg tussen Medemblik en Den Oever fotografeerde Verhoeff een kudde lama’s op de dijk. Op de brug over het Nijkerkernauw trof hij een glimlachend echtpaar in hun perfect onderhouden Messerschmidt aan, zij sieren nu de omslag van het boek. 

De fotografie biedt een fraai beeld van het hedendaagse IJsselmeer: liefdevol en soms ironisch fotografeert Verhoeff het menselijk gedoe in vaak magistrale landschappen. Omdat Bos er in zijn teksten voor koos om steeds aan te sluiten bij de observaties van Jac. P. Thijsse, is het verband met de beelden van Verhoeff volgens mij niet optimaal. De makers hadden wat mij betreft òf een verzameling illustraties uit Langs de Zuiderzee moeten opnemen, òf in de tekst wat minder respect voor Thijsse en wat meer aandacht aan hedendaagse fenomenen als bijvoorbeeld het skûtsjesilen kunnen tonen. 

Nu moet Bos in zijn op zich aardige en interessante verhalen regelmatig vaststellen dat er sinds Thijsse (in 1913) zoveel is veranderd. Tja, dit is Nederland, denk ik dan: miljoenen Hollanders die voortdurend met hun omgeving in de weer zijn. 

Langs het IJsselmeer blijft ondanks deze kleine discrepantie een heerlijk boek om in rond te kijken en te lezen. De kans is groot dat het inspireert om al die stadjes, dorpen, kades en kusten zelf te gaan bezoeken. Maar niet allemaal tegelijk alstublieft!

Han Schoonhoven

Langs het IJsselmeer
van werkzee tot speelmeer
fotografie: Bert Verhoeff
tekst: Rof Bos en Jac. P. Thijsse
gebonden, 144 pagina’s, ± 100 foto’s in full color
uitgeverij: IF Ipso Facto
prijs: 29,50 euro

Stuur e-mail



* Invoer verplicht
Website by Tomston